Association Française d'Attelage


44 rue de Laborde

F-75 008 PARIS

Tel./Fax : 0033 (0) 1 44 70 98 89


Het doel van deze manifestaties is het in stand houden van de traditie bij het aangespannen rijden, door het bewaren van het patrimonium van rijtuigen, het ontwikkelen ervan en het vervolmaken van beoefenaars van deze discipline. De wedstrijd omvat drie proeven:

A: de presentatie

B: het wegparcours

C: de vaardigheids proef


Voorwaarden

Om aan een wedstrijd voor aanspanning en traditie (C.A.T. en C.I.A.T.) deel te nemen moet de menner of groom tenminste 12 jaar zijn. Tussen de 12 en 16 jaar moet de menner door een volwassene vergezeld zijn. Iedere menner die deelneemt aan een dergelijke menwedstrijd in Frankrijk moet in orde zijn met zijn lidmaatschap bij de A.F.A. Hij moet tevens in het bezit zijn van een verzekeringspolis voor burgelijke aansprakelijkheid met een uitbreiding voor het beoefenen van het aangespannen rijden. Hij moet ervoor zorgen dat zijn paarden, pony's, muildieren of ezels in orde zijn met hun vaccinaties en hij moet in het bezit zijn van hun vaccinatieboekje. De menners die geen lid zijn van de A.F.A. moeten hun lidmaatschap betalen aan het organiserende comité alvorens deel te nemen aan de wedstrijd.


Rijtuigen

De deelnemende rijtuigen die antiek zijn, of kopieën van oude modellen, op traditionele wijze gebouwd, worden op 10 punten beoordeeld. Moderne rijtuigen worden op 6 punten beoordeeld. Het nummer van de deelnemer moet op een zichtbare plaats op het rijtuig bevestigd worden.

Jurering

De jury, samengesteld uit een voorzitter en 1 of 2 jury's, erkend door de A.F.A. staan borg voor de toepassing van het reglement. De jury kan beslissen om een gevaarlijke aanspanning uit te sluiten. (een vermoeid of gevaarlijk paard, onervaren menner, een onveilig getuig of rijtuig, ..)


Proeven

A. De presentatie

De aanspanning wordt in stilstand, door elke jury afzonderlijk beoordeeld volgens het evaluatieformulier opgesteld door de A.F.A. Het dragen van bescherming zoals beenbeschermers, bandages, hoefbeschermers, ... zijn verboden tijdens de presentatie. Elke deelnemer die zich te laat op de presentatie aanbiedt krijgt 5 strafpunten.


B. Het wegparcours

Het wegparcours is een parcours dat van de menner een kennis vereist van de gangen en de vaardigheid om zijn gespan in normale omstandigheden te mennen. Het wegparcours moet toegangkelijk zijn voor elk type rijtuig en moet bestaan uit berijdbare wegen zonder verdoken gebreken. De afstand is ongeveer 15 km. De snelheden zijn:

* 6 km/h voor ezels;

* 10 km/h voor trekpaarden en kleine pony's;

* 12 km/h voor pony's;

* 14 km/h voor paarden;

* de snelheid voor zware aanspanningen (coaches) wordt 12 km/h

Heel uitzonderlijk kan de jury of de technisch afgevaardigde deze snelheid wijzigen. De toegestane tijd is met een marge van 2 tot 4 minuten. Elke seconde meer of minder dan deze tijd wordt bestraft met 0,2 strafpunten. Het wegparcours bevat een maximum van 5 verplichte natuurlijke of kunstmatige doorgangen (V.D.: verplichte doorgang), waarvan de laatste op niet minder dan 300 meter van de aankomst mag gelegen zijn. (zie de lijst van V.D.) De menner mag tussen de drie proeven niet van kledij veranderen, tenzij bij regen. Dezelfde menner moet de drie proeven uitvoeren. Bij verandering van menner volgt uitsluiting. Een paard van het gespan mag gedurende de drie proeven niet vervangen worden. Een vervangen paard kan aanvaard worden door de jury maar leidt wel tot uitsluiting van het gespan.

C. de vaardigheid

Deze proef laat aan de menner toe zijn bekwaamheid te bewijzen om zijn gespan goed te mennen in een afgebakend terrein. Dit terrein moet zonder putten of spoorvorming zijn en met een totale oppervlakte van 6000 à 8000 m2 zodat er in alle veiligheid kan worden gereden. De snelheden zijn 200 m/min. voor trekpaarden, tandem- en vierspannen, 220 m/min. voor de andere categorieën. Een gespan mag niet langer dan 5 minuten in de ring blijven. Boven deze tijd zal het gespan uitgesloten worden. Het parcours bevat maximaal 20 poorten, maar een combinatie van balken is niet toegelaten. De tussenafstand van de zig-zag is minimum 12 meter.

Breedte van de poorten:
- Voor een tweewielig rijtuig wordt de spoorbreedte vermeerderd met 30 cm.
- Voor een vierwielig rijtuig wordt enkel de achterste spoorbreedte in rekening gebracht en wordt de tussenruimte van de poorten berekend in fuctie van de kortste afstand tussen de velgen van de voor- en achterwielen volgens de volgende berekening:

tussen afstand tussen de velgen tussenruimte van de poort
minder dan 40 cm spoorbreedte + 30 cm
tussen 40 cm en 59 cm spoorbreedte + 35 cm
tussen 60 en 89 cm spoorbreedte + 40 cm
meer dan 90 cm spoorbreedte + 45 cm
bisschops aanspanning (3 paarden naast elkaar) 220 cm
bisschops aanspanning met trekpaarden 240 cm

De verkenning van het parcours gebeurt in de kledij waarin men de proef aflegd. De deelnemer moet vooraleer de proef aan te vangen de jury groeten. Hij is niet verplicht te groeten aan het einde van de proef.

Het niet nemen van de start kost 10 punten, de start moet hernomen worden. Elke tijdsoverschrijding wordt bestraft met 0,2 punten per seconde. Iedre gevallen bal is 5 strafpunten. De poorten moeten volgens nummer genomen worden en mogen geen tweede mal worden genomen.

Een niet genomen poort kost 10 strafpunten. Bij een niet genomen samengestelde poort wordt ofwel:

- elk niet genomen onderdeel met 10 punten gestraft

- elk niet genomen onderdeel hernomen

Het verlaten van het wedstrijdterrein zonder aankomst genomen te hebben is 10 strafpunten. De tijd loopt door zolang het gespan de aankomst niet heeft genomen of tot hij het wedstrijd terrein heeft verlaten.

Een weigering wordt niet bestraft, Gebruik van schijfremmen is niet gewenst.


De beker van de A.F.A.

Alleen de menners die binnen hetzelfde jaar en zonder uitsluiting deelnamen aan minimum 2 wedstrijden, erkend door de A.F.A., komen in aanmerking voor de beker. Hierbij worden de twee beste resultaten van alle deelgenomen wedstrijden voor 50% in rekening gebracht.


Verantwoordelijkheid

De A.F.A. is niet verantwoordelijk voor ongevallen, diefstal, of andere incidenten die zouden kunnen plaatsgrijpen tijdens de proeven. De organisatie en de deelnemers moeten verzekerd zijn voor burgerlijke aansprakelijkheid vanaf het moment van delname aan de menproeven.